Pluspunten
- Scherp en communicatief stuurgedrag
- Levendige en zuinige 1.0 EcoBoost-motor
- Lichtgewicht (1.091 kg) en daardoor wendbaar
- Goede voorstoelen met stevige zijdelingse steun
- Laag verbruik en CO2-uitstoot voor een benzine
Ford Fiesta 3 Doors · 2013 - 2017 · als getest: 1.0L EcoBoost 5MT FWD (125 HP)
Review van de Ford Fiesta 3 Doors
De Ford Fiesta 3-deurs is in deze generatie een van de weinige kleine auto's die nog echt rijplezier biedt zonder in te leveren op dagelijks bruikbaarheid. De 1.0 EcoBoost met 125 pk is de zoete kers: levendig, zuinig en met een koppel dat je niet verwacht bij een litertje. Het stuurgedrag is verfijnd, de versnellingsbak schakelt prettig, maar de achterbank is vooral decoratief en het kofferruimtevolume van 275 liter is bescheiden. Voor wie alleen of met z'n tweeën rijdt en zoekt naar een betaalbare, karaktervolle stadsauto die ook snelweg kan, is dit een uitstekende keuze. Wie vaker vier volwassenen vervoert, moet elders kijken.
Vermogen en koppel: hele Ford Fiesta 3 Doors-reeks. 0-100 en topsnelheid: als getest.
De Fiesta 3-deurs oogt ook jaren na zijn introductie nog fris. De brede grille en de aflopende daklijn geven 'm een houding die veel concurrenten uit deze periode missen. Vooral in het rood of blauw van die tijd valt hij op tussen de grijze middenmoot. De drie deurs-versie is korter en strakker dan de vijfdeurs, al betaal je dat met een minder praktische instap achterin.
De proporties kloppen: het lijkt een auto die is ontworpen rond de bestuurder, niet rond de achterbank. Dat is geen toeval. De Fiesta heeft altijd een rijdersgerichte reputatie gehad en dat zie je terug in de verkorte overhangen en de strakke taille. Het is geen auto die om aandacht schreeuwt, maar hij heeft wel iets ondeugends over zich.
Op basis van de cijfers – 125 pk, 201 Nm en een leeggewicht van nog geen 1.100 kilo – kun je verwachten dat de Fiesta levendig aanvoelt. En de specificaties liegen niet: met een 0-100 tijd van 9,4 seconden is hij niet snel in absolute zin, maar het lage gewicht en de directe besturing maken dat hij altijd lichtvoetig reageert. Het stuurgevoel is een van de beste in dit segment; je voelt wat de voorwielen doen, iets wat steeds zeldzamer wordt.
De vering is stevig maar niet oncomfortabel. In de stad hobbelt hij wat over dwarsliggers, maar op de snelweg ligt hij stabiel en rustig. In bochten helt hij weinig en de achteras volgt braaf. Het is geen hot hatch, maar je kunt er wel een glimlach bij ophalen op een bochtige B-weg. De remmen zijn goed doseerbaar en de motor reageert alert op het gaspedaal, mede dankzij de handgeschakelde vijfbak die kort en precies schakelt.
De 1.0 EcoBoost is een technisch hoogstandje: een driecilinder met turbo die ondanks zijn kleine inhoud verrassend volwassen presteert. Met 125 pk en 201 Nm – een koppel dat je eerder bij een grotere motor zou verwachten – trekt hij vanaf zo'n 1.500 toeren vlot op, waardoor je in de stad zelden hoeft terug te schakelen. De driecilinder bromt karakteristiek, maar is niet storend luid.
Het motorengamma is breed: van zuinige diesels tot een LPG-versie, maar de benzineversies zijn de meest logische keuze. De 1.0 EcoBoost is de beste van het stel; de 65 en 80 pk versies zijn wat anemisch voor een auto van dit gewicht. De 1.25 met 60 of 82 pk is ouderwets en dorstig, en de 1.6 Ti-VCT met automaat is een stuk onzuiniger. De 1.5 TDCi diesel is zuinig maar luidruchtig. Kortom: neem de EcoBoost, tenzij je extreem veel kilometers maakt – dan is de ECOnetic diesel met 3,3 l/100 km interessant.
De voorstoelen zijn verrassend goed: ze bieden stevige zijdelingse steun en zijn ook op lange ritten comfortabel. De rijpositie is laag en sportief, maar het zicht naar voren is prima. De achterbank is echter een ander verhaal: die is vooral bedoeld voor kinderen of incidenteel gebruik. Volwassenen zullen met hun hoofd tegen de dakrand stoten en hun knieën tegen de voorstoelen.
De geluidsisolatie is redelijk voor dit segment, maar op de snelweg hoor je wel wind- en bandengeruis. De ophanging dempt oneffenheden redelijk, maar bij slecht wegdek kan hij wat stug overkomen. Voor een kleine auto is het comfortniveau keurig, maar verwacht geen limousine. De Fiesta is gemaakt voor rijden, niet voor achterin zitten.
Het interieur van de Fiesta uit deze jaren is een beetje een gemengd verhaal. Het dashboard is stevig opgebouwd en de materialen voelen degelijk aan, maar er is veel hard plastic. Het ontwerp is wel origineel, met een zwevend ogende middenconsole die naar de bestuurder is gericht. De knoppen zijn logisch gegroepeerd, al is het aantal knoppen op het stuur in eerste instantie overweldigend.
Het infotainmentsysteem met SYNC werkt redelijk, maar het menu is niet het meest intuïtieve. Fysieke knoppen voor de verwarming zijn fijn, maar het kleine display en de vele menuopties vragen wat gewenning. De stoelen zijn bekleed met een stevige stof die goed bestand lijkt tegen slijtage. Het geheel oogt niet premium, maar wel verzorgd en doelmatig.
De drie deurs-versie is vooral een compromis: je krijgt een iets strakkere carrosserie, maar de achterbank is alleen bereikbaar door de voorstoel naar voren te klappen. Dat is prima voor incidenteel gebruik, maar voor dagelijks vervoer van kinderen is de vijfdeurs veel handiger. De kofferbak van 275 liter is klein – beter dan 12% van de concurrentie – en de opening is niet al te groot.
Het instappen voorin is prima, maar de deuren zijn lang en kunnen in krappe parkeergarages lastig openen. Het zicht naar achteren is beperkt door de dikke C-stijlen, maar de buitenspiegels zijn groot genoeg om het te compenseren. Parkeren gaat gemakkelijk dankzij de compacte afmetingen en de lichtgewicht besturing. Het is een typische stadauto die ook buiten de stad overweg kan, als je niet al te veel bagage meeneemt.
Voor een auto uit 2013-2017 is de Fiesta redelijk goed uitgerust. Het SYNC-systeem met spraakbesturing was in die tijd vooruitstrevend, al werkt het in de praktijk niet altijd feilloos – je moet duidelijk articuleren. Er is een USB-poort en Bluetooth, maar geen moderne smartphone-integratie zoals Apple CarPlay of Android Auto. Voor een auto van deze leeftijd is dat niet ongebruikelijk.
Rijassistentiesystemen zijn beperkt: je hebt ESP en ABS, maar geen adaptieve cruisecontrol of rijbaanassistent. Er is wel een snelheidsbegrenzer en cruisecontrol op hogere uitvoeringen. Het belangrijkste zijn de actieve veiligheidssystemen die Ford in die periode bood, zoals een noodremsysteem dat echter alleen op duurdere uitvoeringen zat. Het is geen technologisch wonder, maar wat er is, werkt meestal naar behoren.
De 1.0 EcoBoost scoort uitstekend op verbruik: een gecombineerd verbruik van 4,3 l/100 km en een CO2-uitstoot van 99 g/km. Dat is beter dan 79% van de vergelijkbare auto's uit die periode. In de praktijk zul je met een normale rijstijl rond de 5,5 liter uitkomen, maar dat is nog steeds netjes voor een benzinemotor met dit prestatieniveau. De diesels zijn nog zuiniger, maar die kosten meer in aanschaf en wegenzwaarder.
De vanafprijs van € 13.500 voor een nieuwe Fiesta uit die tijd is redelijk, maar je moet goed opletten wat je krijgt: de basisuitvoering is karig uitgerust. De 1.0 EcoBoost met 125 pk zit in een hogere uitrustingsniveau, waardoor de prijs al snel boven de € 17.000 uitkomt. Onderhoud is betaalbaar, maar de driecilinder heeft een distributieriem die vervangen moet worden volgens schema. Banden zijn goedkoop, en de wegenbelasting is laag door het gewicht van 1.091 kilo. Kortom: een betaalbare auto om te rijden, maar let op de opties.
Ja, maar...
Ik zou deze Fiesta nemen als ik vooral alleen of met z'n tweeën rij, en als ik een auto zoek die stiekem leuk is in bochten zonder dat het me een fortuin kost. De 1.0 EcoBoost met 125 pk is de uitvoering die ik zou kiezen: hij is nauwelijks duurder in verbruik dan de zwakkere versies, maar geeft wel die extra souplesse. Een alternatief als de Suzuki Baleno is ruimer en moderner, maar mist het stuurgevoel en de karaktervolle motor. De Mini is duurder en minder praktisch. Dus: ja, maar alleen als je de beperkte achterruimte accepteert.
Gemiddelde van alle uitvoeringen van de Ford Fiesta 3 Doors, vergeleken met 7.605 uitvoeringen van andere auto's uit de periode 2010–2016.
| Kenmerk | Dit model | Gemiddelde | Positie |
|---|---|---|---|
| Vermogen | 91 pk | 207 pk |
beter dan 8%
|
| Koppel | 149 Nm | 336 Nm |
beter dan 8%
|
| Topsnelheid | 171 km/u | 213 km/u |
beter dan 8%
|
| Acceleratie 0–100 km/u | 13,2 s | 9,0 s |
beter dan 7%
|
| Verbruik gecombineerd | 4,6 l/100 km | 6,7 l/100 km |
beter dan 79%
|
| CO2-uitstoot | 109 g/km | 150 g/km |
beter dan 85%
|
| Kofferruimte | 275 l | 465 l |
beter dan 12%
|
| Leeggewicht | 1.079 kg | 1.576 kg |
beter dan 94%
|
Percentages tonen het aandeel uitvoeringen uit dezelfde periode waar dit model op dat kenmerk boven uitkomt. Fabrieksopgaven.
Deze review gaat over de hele Ford Fiesta 3 Doors-reeks. De cijfers hierboven komen van de 1.0L EcoBoost 5MT FWD (125 HP), maar het oordeel geldt voor elke uitvoering hieronder.