De JCW-motor is een 2,0-liter viercilinder turbobenzine met 231 pk en 320 Nm. Daarmee sprint je in 6,5 seconden naar 100 km/u, een cijfer dat beter is dan 59% van de concurrentie. De topsnelheid van 240 km/u is aardig, maar op een open dak zul je die zelden willen benaderen – het haarwaai-gehalte wordt dan al snel onprettig. De motor klinkt vermoedelijk lekker rauw, met een uitlaat die bij het schakelen knallen produceert, iets wat bij een cabrio extra goed tot zijn recht komt.
De 6-traps automaat in de geteste uitvoering schakelt naar verwachting vlot, maar puristen kiezen misschien liever voor de handgeschakelde versie, die ook nog eens iets lager in verbruik is. Binnen het modelgamma is de Cooper S met 192 pk eigenlijk de beste keuze voor de meeste kopers: die levert bijna net zoveel prestaties maar is een stuk goedkoper in aanschaf en rijdt zuiniger (vanaf 5,8 l/100 km). De diesel – Cooper D – is een vreemde eend in de bijt voor een cabrio, maar voor wie veel kilometers maakt, is het verbruik van 4,0 l/100 km verleidelijk, al past een diesel niet echt bij het vrije-zintuigen-concept.