Pluspunten
- Ongeëvenaard comfort en stilte
- V12 met enorm koppel (720 Nm)
- Exclusief en imposant voorkomen
- Afwerking van het interieur is topklasse
- Achterbank is een eersteklas beleving
Rolls-Royce Phantom · 2012 - 2017 · als getest: 6.75L V12 6AT RWD (460 HP)
Review van de Rolls-Royce Phantom
De Phantom uit 2012-2017 is geen auto, het is een evenement op wielen. Met 460 pk en 720 Nm uit een 6,75-liter V12 beweeg je 2.649 kg met een onaangedane souplesse die geen enkele concurrent evenaart. De cijfers liegen niet: dit is een van de zwaarste en meest vermogende auto's in zijn segment. Maar rationeel bekeken is de kofferruimte karig (399 liter), het verbruik gierig en de prijs exorbitant. Voor wie het zich kan veroorloven en vooral achterin wil zitten, is er niets vergelijkbaars. Voor wie zelf wil rijden en waarde zoekt, zijn er betere keuzes.
Met 5.842 millimeter lengte, 1.989 millimeter breedte en een hoogte van 1.638 millimeter is de Phantom een van de grootste auto's die je op de openbare weg ziet. De massieve grille, de hoge motorkap en de enorme wielen geven hem een autoriteit die je niet in cijfers kunt vangen. Dit is geen auto die je over het hoofd ziet, en dat is precies de bedoeling.
De eerste indruk van het interieur is overweldigend: handgestikt leer, houtfineer dat meer weg heeft van meubelkunst dan van dashboard, en een ruimtegevoel dat je normaal alleen in een eersteklas treincoupé vindt. Het is ouderwets chic op een manier die moderne luxeauto's met hun schermen en ledstrips niet kunnen evenaren. Je stapt niet in, je treedt binnen.
Op basis van de specificaties is de Phantom geen auto die uitnodigt tot sportief rijden. Met 2.649 kilogram leeggewicht en achterwielaandrijving moet je respect hebben voor de massa. De 460 pk en 720 Nm zijn ruim voldoende om vlot mee te komen in het verkeer, maar de 0-100 km/u in 5,9 seconden is voor een auto met zoveel vermogen vooral een bewijs van de enorme massa.
De besturing is waarschijnlijk zijdezacht en vrijwel gevoelloos, zoals het een Rolls-Royce betaamt. De luchtvering zal oneffenheden wegfilteren alsof ze niet bestaan, en op de snelweg is de Phantom vermoedelijk de meest serene plek op vier wielen. Maar in de stad moet je alert zijn: met een breedte van bijna twee meter en een gewicht van 2,6 ton is parkeren een uitdaging, zeker zonder achtercamera (die was in 2012 niet standaard).
De 6,75-liter V12 is een monument van een motor. Met 460 pk en 720 Nm zit je in de top 2% van vergelijkbare auto's uit die periode wat koppel betreft, en de acceleratie van 5,9 seconden naar 100 km/u is beter dan 84% van de concurrentie. Toch voelt de Phantom niet snel aan, omdat hij zo stil en vloeiend accelereert. De topsnelheid van 240 km/u is begrensd, maar wie wil er ook echt harder in zo'n auto?
De enige motorversie is een benzinemotor met een 6-versnellingsautomaat. Er is geen dieseltak, geen hybride, geen elektrische variant. Dat maakt de keuze simpel: je neemt wat er is, en je accepteert dat je aan de pomp een tweede hypotheek afsluit. Het officiële verbruik wordt niet eens vermeld, wat veelzeggend is.
Comfort is het bestaansrecht van de Phantom. De stoelen zijn vermoedelijk meer bank dan zetel, met elektrische verstelbaarheid in alle richtingen en ventilatie die je niet zou verwachten in een auto uit 2012. De luchtvering isoleert je van de weg op een manier die alleen Rolls-Royce voor elkaar krijgt, en de geluidsisolatie is legendarisch: je hoort de V12 nauwelijks, en windgeruis is vrijwel afwezig.
Voor lange ritten is dit de perfecte auto, mits je achterin zit. De achterbank is een aparte wereld met eigen klimaatregeling en elektrisch verstelbare stoelen. In de stad is de Phantom door zijn afmetingen minder comfortabel — je bent constant bezig met het inschatten van je ruimte, en dat kost energie.
Het interieur van de Phantom is een les in vakmanschap. Het houtfineer is gespiegeld over de dashboardbreedte, het leer is dik en geurig, en alles voelt aan alsof het met de hand is gemaakt. Er zijn nauwelijks harde plastics, en de knoppen hebben een mechanische precisie die moderne touchscreens missen. Het is een interieur dat je niet beoordeelt op functionaliteit, maar op aanwezigheid.
Toch zijn er eigenaardigheden. Het infotainmentsysteem is afkomstig uit de BMW-schuif (Rolls-Royce was toen onderdeel van BMW) en voelt qua grafische stijl ouderwets aan. De iDrive-knop is aanwezig, maar het systeem is duidelijk niet ontworpen voor deze auto. En de kofferbakopening is klein, ondanks de enorme buitenafmetingen. Maar ja, wie koopt een Phantom voor de kofferruimte?
Praktisch is de Phantom niet, en dat is een understatement. Met een kofferruimte van 399 liter doe je minder dan een middenklasser, en dat is slechter dan 61% van de concurrentie. De achterbank is fenomenaal ruim, maar de deuren zijn zo groot dat je in een parkeergarage moeite hebt om ze open te krijgen. Inparkeren is een sport op zich, ondanks de achtercamera die in latere jaren beschikbaar kwam.
Instappen is een ceremonie: je laat je zakken in de stoel, en het portier sluit met een geruststellende 'thud'. Het zicht naar voren is goed, maar naar achteren beperkt door de hoge achterkant en kleine ruiten. De spiegels zijn groot, maar de auto is zo breed dat je altijd het gevoel hebt dat je een vrachtwagen bestuurt. Voor dagelijks gebruik is dit niet je auto — maar dat wist je waarschijnlijk al.
De technologie in de Phantom is typisch 2012: een iDrive-systeem van BMW met een 8,8-inch scherm, navigatie, Bluetooth en een uitstekend audiosysteem. Het werkt prima, maar het voelt niet speciaal. Rolls-Royce probeerde het te verhullen met een eigen interface, maar de BMW-DNA is onmiskenbaar. Voor een auto die meer kost dan een huis, is dat een beetje teleurstellend.
Rijassistentie is beperkt tot de basics: adaptive cruise control was optioneel, en lane keeping assist bestond nog niet. De nadruk ligt op comfort, niet op technologie. En dat is eigenlijk wel verfrissend: geen piepjes, geen waarschuwingen, alleen maar stilte en souplesse. Maar als je moderne features verwacht, moet je niet in een Phantom uit 2012 stappen.
Het officiële verbruik wordt niet eens vermeld in de specificaties, wat veelzeggend is voor een auto met een 6,75-liter V12 die 2.649 kilogram moet voortbewegen. In de praktijk zul je blij zijn met 1 op 5, en in de stad is 1 op 3 realistisch. De CO2-uitstoot is evenredig hoog, dus je betaalt fors aan wegenbelasting en BPM.
De prijs van een gebruikte Phantom is nog steeds astronomisch, en het onderhoud is alleen weggelegd voor de happy few. Banden, remmen, olie — alles kost drie keer zoveel als bij een gewone auto. En dan heb je nog de kans op elektronische problemen, want BMW-technologie uit die tijd is niet altijd feilloos. Kortom: dit is geen auto voor de verstandige koper, maar voor de liefhebber die geld geen rol laat spelen.
Alleen als...
Ik zou de Phantom alleen kopen als ik een chauffeur had en echt het absolute topstatement in luxe wilde. Met 460 pk en een gewicht van 2.649 kg is de acceleratie van 5,9 seconden indrukwekkend voor zo'n kolos, maar je koopt dit niet voor prestaties. De kofferruimte van 399 liter is een grap voor een auto van 5,84 meter lang — een Skoda Superb biedt meer. Als ik zelf mocht rijden, koos ik liever voor een Maserati Quattroporte Sport GT S: lichter, scherper en een stuk goedkoper. Maar voor de ultieme achterbankbeleving is er geen alternatief.
Gemiddelde van alle uitvoeringen van de Rolls-Royce Phantom, vergeleken met 7.676 uitvoeringen van andere auto's uit de periode 2009–2015.
| Kenmerk | Dit model | Gemiddelde | Positie |
|---|---|---|---|
| Vermogen | 460 pk | 205 pk |
beter dan 96%
|
| Koppel | 720 Nm | 331 Nm |
beter dan 98%
|
| Topsnelheid | 240 km/u | 212 km/u |
beter dan 76%
|
| Acceleratie 0–100 km/u | 5,9 s | 9,1 s |
beter dan 84%
|
| Kofferruimte | 399 l | 468 l |
beter dan 39%
|
| Leeggewicht | 2.649 kg | 1.567 kg |
beter dan 1%
|
Percentages tonen het aandeel uitvoeringen uit dezelfde periode waar dit model op dat kenmerk boven uitkomt. Fabrieksopgaven.
Niet opgegeven door de fabrikant: verbruik gecombineerd en co2-uitstoot. Die kenmerken staan daarom niet in de vergelijking.