De 1.0-liter Boosterjet is een driecilinder met 111 pk en 170 Nm koppel. Op papier klinkt dat bescheiden, maar in een auto van 980 kg valt het mee. De acceleratie van 0-100 km/u duurt 11,4 seconden, wat niet snel is maar ook niet traag voor dit segment. De motor moet wel hoog in toeren worden gehouden om vlot mee te komen, vooral op de snelweg. Daar is hij niet lawaaierig, maar je hoort wel duidelijk dat er een driecilinder aan het werk is.
De handgeschakelde vijfversnellingsbak is precies en schakelt prettig, met een korte en duidelijke beweging. De automatische zesbak die ook leverbaar is, is een optie voor wie geen zin heeft in schakelen, maar die kost wel iets aan verbruik en prestaties. De 1.2 Dualjet met 90 pk is de zuinige keuze, maar met 4,2 l/100 km verschilt hij maar weinig van de 1.0 Boosterjet (4,5 l/100 km), terwijl je wel 21 pk inlevert. De SHVS-variant is een milde hybride die het verbruik nog iets verder drukt, maar het is geen echte hybride; de elektromotor helpt alleen bij het wegrijden en de start-stop.