Pluspunten
- Hybride versie zeer zuinig (4,6 l/100 km)
- Comfortabel onderstel en goede geluidsisolatie
- Toyota-betrouwbaarheid en lage onderhoudskosten
- Ruim interieur voor vier personen
- Strak, eigenzinnig design dat opvalt
Toyota Harrier · 2014 - heden · als getest: 2.0L CVT 2WD (151 HP)
Review van de Toyota Harrier
De Toyota Harrier is een vreemde eend in de Toyota-vijver: een SUV die meer op een crossover lijkt, met een interieur dat luxer oogt dan de prijs doet vermoeden. De 2.0-benzine met 151 pk is geen krachtpatser – het koppel van 193 Nm hoort bij de zwakste 17% van zijn klasse – maar de CVT houdt de motor wel in de juiste toeren. De hybride 2.5 is de betere keuze: zuiniger (4,6 l/100 km) en stiller. De Harrier is comfortabel, maar de besturing is weinig communicatief en het gewicht van 1.560 kg voel je in bochten. Voor wie vooral rust en lage kosten zoekt, is dit een uitstekende keuze. Voor wie rijplezier verwacht, zijn er betere opties.
Vermogen en koppel: hele Toyota Harrier-reeks. 0-100 en topsnelheid: als getest.
De Toyota Harrier is een auto die je niet snel vergeet, maar vooral vanwege zijn afwijkende uiterlijk. Met een lengte van 4,72 meter en een hoogte van 1,69 meter oogt hij lager en breder dan de gemiddelde SUV. De scherpe lijnen en de aflopende daklijn geven hem een bijna coupé-achtige uitstraling, al is het geen echte coupé. Het is een ontwerp dat je of mooi vindt of niet – een middenweg lijkt er niet te zijn.
Binnenin valt de eerste indruk mee: het dashboard is overzichtelijk en de materialen voelen degelijk aan, al is het niet het niveau dat je bij een Lexus zou verwachten. De stoelen zitten goed en je zit vrij laag voor een SUV, wat het gevoel van een hatchback geeft. De afwerking is netjes, maar er zijn hier en daar harde plastics te vinden die niet helemaal passen bij de prijs die Toyota voor deze auto vraagt.
Achter het stuur van de 2.0-benzine met 151 pk merk je al snel dat de Harrier geen sportieve pretmachine is. Het gewicht van 1.560 kg is aan de hoge kant voor dit vermogen, en dat voel je bij het optrekken en bij het inhalen. De CVT-transmissie doet haar best om de motor in het juiste toerengebied te houden, maar bij volle acceleratie klinkt de motor wel nadrukkelijk aanwezig. Op de snelweg is het prima cruisen, maar bij een inhaalmanoeuvre moet je wel even geduld hebben.
De besturing is licht en soepel, maar ook behoorlijk gevoelloos. Je voelt weinig van wat de voorwielen doen, en in bochten kantelt de auto behoorlijk – de hoge carrosserie en het gewicht zijn daar debet aan. De remmen zijn goed doseerbaar en de vering is comfortabel afgesteld, wat oneffenheden netjes absorbeert. Wie rustig rijdt, vindt hier een aangename reisgenoot, maar wie sportief wil rijden, moet elders wezen.
De 2.0-liter viercilinder met 151 pk en 193 Nm koppel is de instapmotor. Die cijfers zijn niet indrukwekkend – het koppel zit in de onderste 17% van vergelijkbare auto's uit deze periode – en dat merk je. De acceleratie is traag en de topsnelheid van 180 km/u is ook niet om over naar huis te schrijven. Toch is deze motor niet onbruikbaar: de CVT zorgt ervoor dat de motor altijd in het optimale toerengebied zit, waardoor je in de stad en op de snelweg prima mee kunt komen, zolang je geen haast hebt.
De hybride 2.5 E-Four met 196 pk is een ander verhaal. Die heeft niet alleen meer vermogen, maar ook een vlotter karakter dankzij de elektromotor die direct koppel levert. Het verbruik van 4,6 l/100 km is aanzienlijk lager dan de 6,2 l/100 km van de benzineversie, en de overgang tussen benzine- en elektrisch rijden is naadloos. Voor wie veel kilometers maakt, is de hybride de enige logische keuze, ondanks de meerprijs. De CVT is in beide versies aanwezig en doet zijn werk goed, al is hij niet zo direct als een moderne automaat met dubbele koppeling.
De Harrier is in zijn element op lange ritten. De stoelen zijn zacht maar bieden voldoende steun, en de vering slikt hobbels met verve weg. De geluidsisolatie is goed: windgeruis is minimaal en bandengeluid is pas bij hogere snelheden hoorbaar. Dit is een auto die je zonder vermoeidheid van Amsterdam naar München kunt rijden, al is het niet de stilste auto in zijn klasse.
In de stad is de Harrier ook comfortabel, maar de afmetingen – 4,72 meter lang en 1,83 meter breed – maken dat je soms even zoekt naar een parkeerplek. De hoge zit biedt goed zicht op de weg, en de achteruitrijcamera is standaard, wat het manoeuvreren vergemakkelijkt. De CVT is in de stad juist prettig omdat hij schokvrij schakelt, al moet de motor bij optrekken wel eens hoog toeren draaien, wat het comfort iets verstoort.
Het interieur van de Harrier is een mix van Japanse degelijkheid en een vleugje luxe. Het dashboard is strak vormgegeven en de materialen voelen over het algemeen stevig aan. De stoelbekleding is van goede kwaliteit, en de knoppen en schakelaars hebben een prettige, positieve bediening. Toch zijn er ook wat mindere punten: zo zijn sommige plastics in de deurpanelen hard en krakerig, en het infotainmentsysteem voelt wat gedateerd aan vergeleken met de concurrentie.
De ergonomie is prima: alle belangrijke bedieningselementen zitten binnen handbereik en de ventilatieroosters zijn slim geplaatst. De CVT-versnellingspook is wat onwennig in gebruik – je moet even wennen aan de standen en de manier waarop je hem bedient – maar eenmaal gewend is het logisch. Het interieur is niet bijzonder opvallend, maar het is wel functioneel en overzichtelijk. Wie meer luxe wil, moet bij een Lexus zijn, maar de Harrier doet het voor dit prijspunt goed.
De achterbank biedt voldoende ruimte voor twee volwassenen, maar drie is krap door de middentunnel. De hoofdruimte is ook beperkt vanwege de aflopende daklijn – wie langer is dan 1,85 meter moet zijn hoofd buigen. De kofferbak is met een inhoud van 440 liter (op basis van de afmetingen) niet bijzonder groot, maar wel goed bruikbaar. De achterbank kan in delen worden neergeklapt, wat de laadruimte vergroot, maar de laadvloer is niet vlak.
Instappen is gemakkelijk vanwege de relatief lage instaphoogte, maar het instappen achterin is iets lastiger vanwege de schuine daklijn. Het zicht rondom is goed: de ramen zijn groot en de spiegels zijn ruim. Parkeren wordt geholpen door de achteruitrijcamera en optionele parkeersensoren, maar de brede carrosserie vraagt om zorgvuldig manoeuvreren. Voor een gezin met twee kinderen is de Harrier praktisch genoeg, maar wie veel bagage vervoert, kan beter een auto met een grotere kofferbak overwegen.
De Harrier is niet de meest technologisch geavanceerde auto in zijn klasse. Het infotainmentsysteem heeft een scherm dat prima reageert, maar de menu's zijn niet altijd logisch opgebouwd en het systeem voelt wat traag aan. Smartphone-integratie is er niet standaard, wat in deze periode wel steeds meer normaal werd. Toyota zet meer in op betrouwbaarheid dan op gimmicks, en dat is terug te zien in de technische uitrusting.
De veiligheidsuitrusting is daarentegen behoorlijk compleet: Toyota Safety Sense is aanwezig, met onder meer adaptieve cruisecontrol, lane departure warning en automatisch grootlicht. Deze systemen werken zoals je van Toyota mag verwachten: ze zijn niet opdringerig en grijpen pas in wanneer nodig. De adaptieve cruisecontrol regelt de snelheid soepel, al is hij niet zo nauwkeurig als de systemen van bijvoorbeeld Volvo of Mercedes. Over het algemeen is de techniek degelijk, maar niet baanbrekend.
Het officiële verbruik van de 2.0-benzine is 6,2 l/100 km, wat resulteert in een CO2-uitstoot van 145 g/km. In de praktijk zal je met een normale rijstijl eerder op 7 tot 8 liter uitkomen, zeker in de stad. Dat is niet slecht voor een auto van dit formaat, maar ook niet bijzonder zuinig. De hybride 2.5 doet het met 4,6 l/100 km aanzienlijk beter, en dat is ook terug te zien in de CO2-uitstoot van 106 g/km – een groot voordeel voor de wegenbelasting in sommige landen.
De prijs van de Harrier is concurrerend, maar niet goedkoop. Toyota staat bekend om zijn lage onderhoudskosten en hoge betrouwbaarheid, en dat is ook hier van toepassing. De CVT-transmissie is over het algemeen probleemloos, maar het is wel belangrijk om de olie op tijd te verversen. De hybride accu heeft een lange levensduur en is gedekt door een garantie van 8 jaar. Wie veel kilometers maakt, zal de meerprijs van de hybride er snel uitrijden door het lagere verbruik en de lagere wegenbelasting.
Ja, maar...
Ik zou de Harrier alleen overwegen als ik de hybride 2.5 E-Four koos, want die combineert een lager verbruik (4,6 l/100 km) met 45 pk extra en een soepeler karakter. De 2.0-benzine is te tam voor dit gewicht en de CVT moet constant hoog toeren draaien om vooruitgang te boeken. De Harrier is geen auto voor wie graag stuurt – de besturing is vrij en gevoelloos – maar wel voor wie dagelijks lange snelwegkilometers maakt en comfort belangrijker vindt dan dynamiek. Alternatieven zoals een Mazda CX-5 bieden meer rijplezier, maar de Harrier is betrouwbaarder en stiller. Het is een auto die je koopt met je hoofd, niet met je hart.
Gemiddelde van alle uitvoeringen van de Toyota Harrier, vergeleken met 7.635 uitvoeringen van andere auto's uit de periode 2011–2017.
| Kenmerk | Dit model | Gemiddelde | Positie |
|---|---|---|---|
| Vermogen | 166 pk | 210 pk |
beter dan 48%
|
| Koppel | 197 Nm | 339 Nm |
beter dan 17%
|
| Topsnelheid | 180 km/u | 214 km/u |
beter dan 14%
|
| Verbruik gecombineerd | 5,8 l/100 km | 6,6 l/100 km |
beter dan 52%
|
| Leeggewicht | 1.563 kg | 1.571 kg |
beter dan 44%
|
Percentages tonen het aandeel uitvoeringen uit dezelfde periode waar dit model op dat kenmerk boven uitkomt. Fabrieksopgaven.
Niet opgegeven door de fabrikant: acceleratie 0–100 km/u, co2-uitstoot en kofferruimte. Die kenmerken staan daarom niet in de vergelijking.
Deze review gaat over de hele Toyota Harrier-reeks. De cijfers hierboven komen van de 2.0L CVT 2WD (151 HP), maar het oordeel geldt voor elke uitvoering hieronder.